
Negatieve stroomprijzen, maar weinig voordeel voor jou
Veel wind, veel zon én een coronacrisis: het zorgt voor negatieve stroomprijzen. Als er veel aanbod is en weinig vraag, kan die prijs negatief zijn. Als eindgebruiker merk je er helaas wel niet zoveel van in je portemonnee.
Lager verbruik door coronamaatregelen
Het fenomeen van negatieve stroomprijzen is niet nieuw. Wanneer de zon volop schijnt en de windturbines op volle toeren draaien, neemt de productie altijd fors toe. Op een doorsnee zondag tijdens de lente en zomer ligt de energievraag daarbij automatisch al een stuk lager dan anders. Dit jaar versterken de ‘blijf in uw kot’-maatregelen dat effect. Elia, de beheerder van het Belgische transmissienet voor elektriciteit, gaf eerder al aan dat de energieconsumptie in de loop van de maand maart gemiddeld met 16 procent afnam, met zelfs uitschieters tot min 25 procent.
Gunstig voor grote afnemers
Het effect van dat overaanbod komt tot uiting op de elektriciteitsbeurs Belpex. Dat is één van de kanalen waar energieleveranciers hun elektriciteit aankopen. Op zondag bleef de groothandelsprijs er tussen 12 en 17 uur negatief, met een uitschieter van -35,31 euro per megawattuur om 14 uur. Volgens Young Energy Reviewers Association, kortweg YERA, een denktank opgericht door masterstudenten burgerlijk ingenieur in de energie, riskeren producenten boetes wanneer ze stroom op het net injecteren die ze niet kunnen verkopen (*). Ze zijn er dus ook bij gebaat hun overtollige energieproductie te vermarkten. Dat lukt bij bedrijven met een zeer grote energiebehoefte, zoals chemie-installaties en fabrieken. Die spelers kopen hun stroom rechtstreeks aan op de energiemarkt en krijgen daar bij negatieve stroomprijzen dus geld voor toegeschoven.



