Welke invloed heeft het capaciteitstarief op uw elektrische bedrijfswagen?

Welke invloed heeft het capaciteitstarief op uw elektrische bedrijfswagen?
  • 22.04.2022
  • Kurt Deman
  • 3 min

Voor werknemers die hun elektrische bedrijfswagen thuis opladen, betaalt de werkgever mogelijk de verbruikskosten. Er geldt dus niet altijd een stimulus om de wagen slim en gericht te laden. Daar brengt het capaciteitstarief binnenkort verandering in.

Bedrijven met een elektrisch bedrijfswagenpark stellen veelal ook een laadstation ter beschikking bij de werknemer thuis. De energiekosten van die laadbeurten komen via een onkostennota of een zogenaamde split bill rechtstreeks bij de werkgever terecht.

Wie privé over een elektrische auto, zonnepanelen en een digitale meter beschikt, haalt er voordeel uit van zijn laadmomenten af te stemmen op de productie van de zonnepanelen. Het loont dan bijvoorbeeld om op zonnige dagen de wagen vanaf de late voormiddag op te laden en op die manier gebruik te maken van de stroom die de prosument zelf opwekt. Aangezien de bestuurder van een bedrijfswagen de verbruikskosten veelal niet zelf moet ophoesten, zal de motivatie voor dergelijke aangepaste laadgewoontes doorgaans lager liggen.

Hoge verbruikspiek = hogere netkosten

Bij de invoering van het capaciteitstarief, die vooralsnog op 1 juli staat gepland, gebeurt de aanrekening van een deel van de netkosten op basis van de netcapaciteit die u gebruikt. Wie hoge pieken veroorzaakt, zal meer betalen dan wie zijn verbruik spreidt. Voor eigenaars van een klassieke, analoge meter, gaat de netbeheerder uit van een gemiddelde maandpiek van 2,5 kilowatt (kW). Een spreiding van het verbruik beïnvloedt uw netkosten dus niet. Bij een digitale meter is dat wel het geval en dat heeft ook zijn consequenties op het laden van de firmawagen.

De meeste thuislaadstations werken op eenfasige wisselstroom en leveren 3,7 kW of 7,4 kW vermogen. Daarnaast bestaan er – voor wie over een driefasige aansluiting beschikt – ook thuisladers met hogere vermogens. Onderzoek van de UGent wees uit dat wie traag laadt aan een laadpaal tot 3,7 kW, ongeveer 100 euro aan netkosten kan besparen. Bij een vermogen van 7,4 kW blijft het nadeel beperkt, maar bij laders met een vermogen van 11 kW lopen de extra netkosten op tot 241 euro.

Hoe pieken vermijden?

Om die pieken te vermijden, bieden intelligente wandladers of laadpalen mogelijk soelaas.  Via ‘load balancing’-technologie houden ze rekening met andere (grote) verbruikers en passen ze het laadvermogen aan. Het laadstation maakt op die manier het meest efficiënt gebruik van het beschikbare vermogen en laat de gebruiker toe om extra netkosten te vermijden.

Daarnaast raadt professor Jan Desmet van UGent in De Standaard ook aan om de batterij dagelijks bij te laden. De bestuurder hoeft op die manier telkens slechts kleine hoeveelheden bij te laden, waartoe een tragere laadsnelheid bij een lager vermogen volstaat. Voor werknemers die toch hogere netkosten dreigen te betalen, geeft de professor aan dat de werkgever ook een forfaitaire kostenvergoeding kan voorzien.

Het spreekt voor zich dat naast de optie van thuisladen veel ondernemingen ook over laadstations op de eigen bedrijfsterreinen beschikken. Mogelijk voorziet de werkgever ook in een laadkaart waarmee u als medewerker gebruik maakt van publieke laadinfrastructuur.